Abortus in het tweede trimester – 13 tot 17 weken

Vanaf 13 weken krijg je een instrumentele abortus. Je kunt kiezen tussen plaatselijke verdoving of sedatie. Als je hebt gekozen voor sedatie, word je eerst in slaap gemaakt. Als je heeft gekozen voor een plaatselijke verdoving, voel je vooral de prikjes van de verdoving en daarna mogelijk nog krampen als tijdens een menstruatie. Je krijgt enkele uren voor de ingreep prostaglandinetabletten, die de baarmoederhals soepel maken. Afhankelijk van de zwangerschapsduur varieert de behandeltijd van 10 tot 20 minuten. Als je voor sedatie heeft gekozen, maakt de arts je meteen na de behandeling weer wakker. Afhankelijk van de zwangerschapsduur blijf je na de behandeling  1½ tot 3 uur in de kliniek ter controle.

 

De totale verblijfsduur in de kliniek is gemiddeld 6 uur.

Tot een zwangerschap van ongeveer 15 weken kun je aansluitend aan de behandeling een spiraal laten plaatsen.

 

Als je bloedgroep en resusfactor niet bekend zijn, worden die door ons vastgesteld. Omdat bij een zwangerschapsafbreking met name de resusfactor belangrijk is, moeten wij weten of deze positief of negatief is. Bij een negatieve resusfactor geven wij direct na de behandeling een antistof-injectie.

 

Je mag gedurende 24 uur niet actief aan het verkeer deelnemen. Meer informatie over de periode na de abortusbehandeling.

 

Drie weken na de abortus komt je voor een controle naar de kliniek. Bij deze controle maakt de arts een echo. De controle kan ook bij je eigen arts plaatsvinden.